De wereldwijde aquacultuurmarkt kent een sterke groei, waardoor ook de vraag naar broedmateriaal toeneemt. Dit genereert kansen voor de teelt van verschillende soorten microalgen, aangezien die een onmisbaar broedvoeder blijven voor veel aquacultuursoorten.

Het Vlaamse bedrijf Proviron produceert microalgen in eigen ontwikkelde bioreactoren. De microalgen worden wereldwijd vermarkt en dienen hoofdzakelijk als voedsel voor de larven van garnalen, tweekleppigen en zeekomkommers, maar ook voor rotiferen die gebruikt worden als voer voor zeebrasem, zeebaars, tarbot, en andere vissoorten.

Momenteel zijn er 6 commerciële producten op de markt op basis van Nannochloropsis, Isochrysis, Chaetoceros, Tetraselmis en Thalassiosira. Op de productiesite in Hemiksem ontwikkelt Proviron nieuwe algensoorten en voert het onderzoek om deze algenproducten verder te verbeteren.

Nutritioneel profiel van microalgen manipuleren

Binnen het kader van het BlueMarine³.Com-project onderzoekt Proviron de prestaties van drie nieuwe soorten microalgen met veel marktpotentieel. Hiertoe werkt men samen met de Universiteit Gent om aan de hand van voedertesten inzichten te verwerven in het effect van algen op de groei van de larven van garnalen en oesters.

De kwaliteit en kwantiteit van microalgen is namelijk uiterst belangrijk in alle levensstadia, en verschillende stadia hebben verschillende voedingsbehoeften. Omdat dit afhankelijk is van het nutritioneel profiel en de grootte van de microalgen, onderzoekt Proviron wat het effect is van de kweekomstandigheden op deze parameters.

Blik op de bioreactoren voor de kweek van microalgen van Proviron

Prototype van automatische voederunit

Om maximale controle te hebben over de kweekcondities en om de productiekost van de microalgen te drukken, zet Proviron sterk in op automatisatie. Binnen het project wordt deze lijn nu ook gevolgd voor de kweeksystemen van oesters en garnalen. Daarom heeft Proviron een continu automatisch voedersysteem voor microalgen ontworpen.

De automatische doseereenheid maakt gebruik van sensoren die de natuurlijke lichtabsorptie van algen gebruiken om de concentratie van de algen in de tanks te bepalen. Het idee is tweeledig: enerzijds worden via automatische dosering dagelijks evenveel algen toegediend als er opgegeten worden, anderzijds hebben de garnalen of oesters zo op ieder moment van de dag dezelfde concentratie algen ter beschikking.

In het Laboratorium voor Aquacultuur & Artemia Reference Center (ARC) van de Universiteit Gent testen onderzoekers nu of de oester- en garnalenlarven sneller groeien en of er ook minder algen verloren gaan.

Levende versus gedroogde microalgen

Het gebruik van gevriesdroogde algen biedt een aantal voordelen, zoals permanente beschikbaarheid, lange houdbaarheid, gebruiksgemak en een constante kwaliteit. Voor garnalenlarven toonden de voedertesten in het BlueMarine³.Com-project al aan dat gevriesdroogde algen een prima alternatief zijn.

Voor oesterlarven blijkt echter dat levende algen nog niet volledig kunnen worden vervangen door het gevriesdroogde alternatief. Dit heeft wellicht te maken met het verwerkingsproces, wat kan resulteren in een partieel verlies van de nutritioneel belangrijke essentiële vetzuren en antioxidanten of zelfs andere componenten.

Proviron zoekt nu verder naar een aangepast protocol om deze problemen te vermijden en werkt ook aan andere presentatievormen van de algen, zoals pasta’s.

Blik op de proefopstelling bij Proviron

Achtergrond

BlueMarine³.Com is een samenwerking tussen verschillende groepen van de Universiteit Gent: het IOF-consortium BLUEGent (Dr. ir. Margriet Drouillon), het Laboratorium voor Aquacultuur & ARC (Prof. Dr. ir. Peter Bossier), het Laboratorium voor Fycologie (Prof. Dr. Olivier De Clerck) en het Laboratorium voor Milieutoxicologie (Prof. Dr. Colin Janssen), en de volgende bedrijven: Aquacultuur Oostende, Colruyt Group, DEME, IMAQUA, Proviron en SIOEN. Dit project wordt gesteund door VLAIO.

Ook lid worden?

De Blauwe Cluster werd erkend door de Vlaamse overheid als zesde Vlaamse speerpuntcluster. Om optimaal van de unieke diensten van de cluster gebruik te maken en voor de verdere uitbouw van uw netwerk is lid worden een troef.