BESS 2026: van onderzoek en innovatie naar concrete impact
Onderzoekers en bedrijven ontwikkelen elk vanuit hun eigen expertise nieuwe kennis, technologieën en ideeën. Door die expertise en inzichten vroeger samen te brengen met concrete uitdagingen en marktbehoeften, kunnen nieuwe samenwerkingen ontstaan en vinden veelbelovende oplossingen sneller hun weg naar de praktijk.
De Blue Economy Science Summit (BESS) speelt daarop in door de uitwisseling tussen onderzoek en bedrijfsleven te stimuleren en samen te kijken naar wat nodig is om kennis verder te brengen. Tijdens deze editie werd dat concreet gemaakt aan de hand van inzichten en praktijkervaringen uit diverse hoeken, met bijzondere aandacht voor Blue Carbon, digitalisatie en Floating Offshore Wind.
Valorisatie begint niet wanneer het onderzoek eindigt
Een goed onderzoeksresultaat of een sterke technologie is slechts het begin. Om kennis daadwerkelijk naar de markt en maatschappij te brengen, moeten ook marktbehoeften, ondernemerschap, financiering en samenwerking tijdig in beeld komen.
Die boodschap liep als een rode draad door het plenaire programma. Koen Verhaeghe van VLAIO benadrukte dat valorisatie daarom niet als de laatste stap van een onderzoeksproject mag worden gezien. Ook tijdens het onderzoek moet al worden nagedacht over mogelijke toepassingen en gebruikers.
Evy De Bruyker maakte met Marifish.Inc de brug naar incubatie en ondernemerschap. Daarbij gaat het niet alleen om infrastructuur en begeleiding, maar ook om het samenbrengen van de juiste mensen. Onderzoekers hoeven immers niet noodzakelijk zelf ondernemer te worden. Samenwerking met ondernemers of bestaande bedrijven kan evenzeer een weg naar de markt openen.
De ervaringen van Goedele Verreydt met iFLUX en van Steven Nauwelaerts maakten in dat verband duidelijk dat er niet één route naar valorisatie bestaat. Onderzoek kan leiden tot een nieuw bedrijf, maar economische meerwaarde kan evengoed ontstaan via samenwerking, verdere technologieontwikkeling of kennisoverdracht.
Nieuwe initiatieven zoals EIT Water en de Belgische Mission Ocean Hub kunnen daarbij helpen om kennisinstellingen, bedrijven en andere organisaties met elkaar in contact te brengen en nieuwe samenwerkingen op gang te brengen.
Na het plenaire programma gingen de deelnemers in drie parallelle break-outsessies dieper in op Blue Carbon, digitalisatie en Floating Offshore Wind. Elk thema bevindt zich in een andere fase, maar telkens stond dezelfde vraag centraal: wat is nodig om van kennis en technologie naar concrete toepassingen en impact te gaan?
Blue Carbon: van kennis naar toepassing
Blue Carbon gaat over CO₂ die wordt opgenomen en opgeslagen in mariene en kustgebonden ecosystemen. Er wordt volop onderzocht hoe die natuurlijke processen beter kunnen worden begrepen, gemeten en benut. Tijdens de break-out stond vooral de volgende stap centraal: hoe vertalen we die groeiende kennis naar concrete toepassingen?
Daarbij werd gekeken naar betere monitoring en metingen, manieren om meer CO₂ in de oceaan op te slaan en de invloed die activiteiten op zee daarop kunnen hebben. Welke kennis ontbreekt? Welke expertise is nodig? Waar kunnen bedrijven een rol spelen? En welke demonstraties of toepassingen kunnen onderzoek verder brengen?
Daarbij werd duidelijk dat de uitdaging breder is dan onderzoek alleen. Betrouwbare metingen en monitoring zijn belangrijk, maar ook mogelijke toepassingen, opschaling, maatschappelijke meerwaarde en economische haalbaarheid moeten worden meegenomen. Dat vraagt een vroege betrokkenheid van bedrijven, terreinbeheerders, overheden en andere partijen die met deze uitdagingen aan de slag kunnen.
Digitalisatie: van data naar schaalbare toepassingen
De break-out rond digitalisatie vertrok vanuit concrete toepassingen van Universiteit Gent, Amplifino en Seafar. Hoewel hun cases sterk verschilden, botsten ze op een gelijkaardige uitdaging: hoe groei je van een lokale of projectgebonden toepassing naar een schaalbare oplossing waarvoor een duurzame markt bestaat?
Een belangrijke conclusie was dat schaalbaarheid best van bij de start wordt meegenomen. Een toepassing die goed werkt voor één specifieke omgeving of gebruiker, kan nog heel wat bijkomende ontwikkeling en financiering vragen om ook elders inzetbaar te worden.
Ook de beschikbaarheid van open data kwam aan bod. Die kunnen de ontwikkeling van nieuwe toepassingen versnellen, maar ‘open’ betekent niet automatisch ‘direct bruikbaar’. Data moeten vindbaar, betrouwbaar en veilig zijn, zeker wanneer ze worden ingezet voor kritische toepassingen.
Misschien wel de belangrijkste les uit de sessie: start niet vanuit de data, maar vanuit het probleem dat je ermee kunt oplossen. De waarde van een digitale toepassing zit uiteindelijk in wat ze voor een gebruiker of klant oplevert, bijvoorbeeld een kostenbesparing, minder risico of een nieuwe dienst.
Floating Offshore Wind: van demonstratie naar industrie
Floating offshore wind staat al een stap verder. Demonstratoren en pilootprojecten hebben aangetoond dat de technologie haalbaar is. De volgende uitdaging is om van afzonderlijke toepassingen te evolueren naar windparken op commerciële schaal.
De break-out vormde tegelijk de tweede Vlaamse regionale workshop binnen I3FLOAT. De Strategic Innovation Agenda, de eerste Open Call en de ervaringen van MULTI.engineering vormden het vertrekpunt voor een bredere discussie over de verdere ontwikkeling van de sector.
Daaruit bleek dat opschaling lang niet alleen een technologische uitdaging is. Ook standaardisatie, seriële productie, assemblage, logistiek, installatie en onderhoud spelen een belangrijke rol. Bovendien zijn er heel praktische vragen rond onder meer beschikbare havenruimte, opslag en toegang tot geschikt transport- en hijsmaterieel.
Voor Vlaanderen liggen daarbij vooral kansen op de internationale markt. Ons land beschikt over sterke expertise in onder meer engineering, maritieme activiteiten, materialen, testen en validatie, monitoring, sensoren, data en digitalisering. Die kennis en technologie kunnen internationaal worden ingezet, ook zonder een grote thuismarkt voor floating wind voor onze eigen kust.
Drie thema's, één rode draad
Ondanks de grote verschillen tussen Blue Carbon, digitalisatie en floating offshore wind kwam uit de drie break-outs een duidelijke rode draad naar voren: een sterk onderzoeksresultaat of een goede technologie leidt niet vanzelf tot impact. Daarvoor moet al vroeg worden nagedacht over wie ermee aan de slag kan, welke behoefte wordt ingevuld en wat nodig is om een oplossing verder te ontwikkelen en op te schalen.
Dat vraagt niet alleen aandacht voor technologie, maar ook voor markt, financiering, infrastructuur en de juiste partners. BESS wil die verschillende perspectieven samenbrengen en onderzoekers, bedrijven en ondernemers dichter bij elkaar brengen. Want valorisatie begint niet pas wanneer een onderzoeksproject eindigt, maar veel eerder: wanneer kennis en technologie worden gekoppeld aan een reële behoefte en de juiste mensen elkaar vinden.
Over BESS
De Blue Economy Science Summit (BESS) is een terugkerend initiatief van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) en De Blauwe Cluster dat een brede waaier aan onderzoekers, bedrijven en ondernemers samenbrengt rond actuele uitdagingen binnen de blauwe economie. Het event wil de uitwisseling tussen onderzoek en bedrijfsleven versterken en zo de stap van kennis en onderzoek naar concrete toepassingen versnellen.