Welke rol kan de oceaan spelen om CO₂ uit de atmosfeer te halen?

Technieken die CO₂ uit de atmosfeer verwijderen, krijgen steeds meer aandacht als mogelijke aanvulling op bestaande klimaatmaatregelen. In een nieuwe nota onderzoekt Het Vlaams Instituut voor de Zee welke beleidsuitdagingen daarbij komen kijken.
Nieuws
02 oktober 2026
Delen
LinkedInTwitterFacebook

De oceaan neemt van nature grote hoeveelheden CO₂ op. Daarom onderzoeken wetenschappers of er manieren zijn om die natuurlijke opname te versterken. Daarbij wordt onder meer gekeken naar natuurlijke ecosystemen zoals zeegrasvelden en schorren, maar ook naar technologische ingrepen die kunnen helpen om meer CO₂ uit de atmosfeer te halen.

De belangstelling voor dergelijke technieken neemt toe nu duidelijk wordt dat het beperken van de uitstoot alleen mogelijk niet volstaat om de klimaatdoelstellingen op lange termijn te halen. Tegelijk bestaan er nog belangrijke vragen over de doeltreffendheid, schaalbaarheid en mogelijke impact van deze technieken op het mariene ecosysteem. Dat maakt een doordacht beleidskader essentieel.

In een nieuwe beleidsnota onderzoekt het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) in welke mate de huidige beleidskaders voorbereid zijn op deze ontwikkelingen. Het document brengt in kaart hoe klimaat-, oceaan- en biodiversiteitsbeleid vandaag omgaan met dergelijke technieken, en waar nog belangrijke knelpunten liggen.

Geen geïntegreerd beleidskader

Uit de analyse blijkt dat geen van de bestaande beleidsdomeinen vandaag volledig uitgerust is om dergelijke technieken op een geïntegreerde manier te beoordelen. Klimaatbeleid focust vooral op koolstofboekhouding en emissierapportering, terwijl oceaan- en biodiversiteitsbeleid voornamelijk gericht zijn op ecosysteembeheer, ruimtegebruik en het beperken van menselijke impact.

Daardoor wordt de rol van mariene koolstof vaak slechts gedeeltelijk meegenomen. Vooral voor nieuwe, meer technologische benaderingen ontbreken nog duidelijke kaders om hun effectiviteit, schaalbaarheid en mogelijke impact op het mariene milieu te beoordelen.

VLIZ bernardo

Nood aan betrouwbare monitoring

Een bijkomende uitdaging is het meten van koolstofstromen in zee. In tegenstelling tot veel activiteiten op het land is de oceaan een dynamisch en grensoverschrijdend systeem, waardoor het niet eenvoudig is om vast te stellen hoeveel CO₂ daadwerkelijk wordt opgenomen en hoe lang die opgeslagen blijft.

Volgens de auteurs is er daarom nood aan robuuste systemen voor monitoring, rapportering en verificatie. Die vormen een belangrijke voorwaarde om de bijdrage van dergelijke technieken aan de klimaatdoelstellingen correct te kunnen inschatten.

Klimaat, natuur en blauwe economie verbinden

De nota wijst tot slot op een groeiende internationale en Europese aandacht voor de rol van de oceaan in de klimaattransitie. Volgens de auteurs biedt dat kansen om klimaatmitigatie, biodiversiteitsbescherming en de blauwe economie beter met elkaar te verbinden.

Een meer geïntegreerde aanpak, ondersteund door wetenschappelijk onderbouwde monitoring- en verificatiesystemen, kan bijdragen aan beter geïnformeerde beleidskeuzes rond toekomstige klimaatoplossingen op zee.

Heb je vragen over deze beleidsnota? Neem contact op met Steven Dauwe (VLIZ).

Context

Deze beleidsnota kwam tot stand binnen het BERNARDO-project. In dit project werken bedrijven en kennisinstellingen samen aan een beter inzicht in de koolstofstromen van de Belgische Noordzee. BERNARDO onderzoekt daarbij hoeveel CO₂ de Belgische Noordzee opneemt, opslaat en weer afgeeft, en hoe die kennis kan bijdragen aan toepassingen binnen de blauwe economie.

Blijf op de hoogte! Schrijf je in op onze nieuwsbrief: 

We versturen ongeveer om de 2 weken een nieuwsbrief.